Vrijdag 16 oktober 2020 - Voordracht 'Verhalende bronnen uit middeleeuws Ieper: een ongekende rijkdom' (Paul Trio)

Wie de geschiedenis van Ieper beter wil kennen, kan terugvallen op twee soorten tekstuele bronnen. Enerzijds zijn er archiefbronnen, bijvoorbeeld oorkondes of rekeningen. Daarover gaat deze lezing niet. Anderszijds zijn er verhalende bronnen, bijvoorbeeld kronieken, maar ook losstaande annotaties die feiten en gebeurtenissen uit het verleden weergeven. Beide vormen van geschiedschrijving komen aan bod in de voordracht van professor Paul Trio (KU Leuven). Kronieken en memorieboeken belichten dat Ieper op het vlak van dergelijke verhalende bronnenoverlevering niet moet onderdoen voor steden als Gent of Brugge.

Stadskronieken

Onderzoekers uit de academische wereld kennen vooral de zogenaamde kroniek van Olivier van Diksmuide. Die behandelt de geschiedenis van Vlaanderen en de stad Ieper voor de jaren 1393 tot 1443. De oorspronkelijke tekst van deze kroniek verdween in het 1914 met de rest van het rijke stadsarchief. Hetzelfde lot onderging een veel minder bekende kroniek, namelijk het vervolg op de net genoemde, die aan Pieter van der Letuwe wordt toegeschreven , maar gelukkig gedeeltelijk werd uitgegeven door Isidore Diegerick tussen 1863 en 1878. Deze kroniek bestrijkt de periode van 1444 tot 1480. Beide kronieken hebben een aantal gelijkenissen, maar ook duidelijke verschillen, waarop in de voordracht dieper wordt ingegaan. Helemaal vergeten is de kroniekschrijver Joos Bryde, een tijdgenoot van de net genoemde chroniqueurs.

Memorieboeken

Recent wijdde professor Trio een studie aan deze vorm van historiografie. Daaruit blijkt dat deze werkwijze een van de vroegste uitingen was van stedelijke geschiedschrijving in de Nederlanden. Het gaat om de optekening van 'belangrijke' feiten en gebeurtenissen die in de stad voorvielen en die voor toekomstige stedelijke bestuurders en hun administratie van nut konden zijn, maar waarvan de optekenaars ook wensten dat de herinnering eraan voor het nageslacht zou bewaard blijven. Ze gebruikten daarvoor een vorm van stadsregisters. Destijds zaten er in het Ieperse stadsarchief van voor de vernietiging zeker meer dan tien zo'n registers. De oudste gaan terug tot de 14de eeuw. Hoewel ze verdwenen zijn, is toch fragmentarisch een deel van de inhoud overgeleverd. Sommige annotaties werden nog voor de Eerste Wereldoorlog uitgegeven. Helemaal niet bekend is dat sommige teksten terug te vinden zijn in Ieperse stadskronieken die in de loop van de 17de en 18de eeuw werden geredigeerd. 

Praktisch:

  • De voordracht start om 20 uur en gaat door in Het Perron (Fochlaan 1, Ieper).
  • Omwille van corona is het aantal deelnemers beperkt. Je moet dan ook vooraf inschrijven. Dat kan enkel bij philippebarbez@hotmail.com.